Het Vertalershuis: de hoopgevende factor

Waarom is het voor een vertaler belangrijk een maand lang in het Vertalershuis te verblijven en zich onder te dompelen in een Vlaamse culturele omgeving en sfeer? Enkel voor de woordenboeken die de bibliotheek te bieden heeft?


Laat ik eens niet met literatuur beginnen, maar met wat ik mij herinner van mijn verblijf in het Vertalershuis in juni. Het wereldkampioenschap. Voetbal. Niet dat ik er een liefhebster van ben. Integendeel, in mijn ogen is voetbal het tegenovergestelde van cultuur. En toch, in Antwerpen ontstond een verrassende band. Ik vond er de missing link naar de Belgische identiteit! In juni stond ik met Ingrid, de collega uit Zweden, voor het grote scherm op de Dageraadplaats verwonderd rond te kijken. Sterke, oprechte emoties van mannen, vrouwen, kinderen met één enkele gedachte: wij moeten winnen, ‘de onzen’ moeten winnen. Het was zo een aangrijpend gevoel. Hebben mensen dit dan nodig, liever dan literatuur en kunst? Deze retorische vraag dook bij me op, ook al wist ik natuurlijk dat de mensheid al duizenden jaren zo leeft en dat het erbij hoort: panem et circenses. Maar nu was het WK voetbal precies dat wat ‘de Belgen’ verenigde. 'Tous ensemble!' stond op een vlag en de boodschap 'Iedereen Belg!' werd ook op andere manieren uitgedrukt door de juichende menigte. Een merkwaardige tweespalt: op de Dageraadplaats deze verbroedering, tegelijkertijd in de krant, stukken over opkomend racisme en wederzijds onbegrip en haat in datzelfde Antwerpen.

 

Voetbal viel dus wel degelijk binnen de cultuurfilosofische context van mijn Belgische verblijf te plaatsen. Waarschijnlijk was het mijn lot om daar ook te zijn op dat moment. Mijn verblijf als vertaler kon niet zonder deze ervaring. Op de een of andere indirecte, maar aanwijsbare manier hielp ze me bij het vertalen van Annelies Verbekes roman Vissen redden in het Bulgaars. Ik ben er nog niet uit of mijn opvattingen en inzichten daarmee nu breder, anders of realistischer werden, maar deze ervaring slооt zeker aan bij mijn interesse voor de Vlaamse literatuur. Hoe banaal ik de gedachte ook vond, ze drong zich toch weer aan me op: literair vertalen is meer dan een vreemde taal beheersen en zich met naslagwerken omringen.

 

De literaire hoogtepunten van de maand leken schakels van dezelfde ketting. De schrijvers die ik ontmoette, droegen elk hun eigen ‘label’: de scherpzinnige, ironische Koen Peeters en zijn kersverse Paul-van-Ostaijen-contributie; de geëngageerde, fijngevoelige, kwetsbare Annelies Verbeke (ik wou dat er meer schrijvers zoals haar in de contemporaine Bulgaarse literatuur bestonden!); de gedreven Peter Verhelst en zijn bijzondere Tongkat. De ontdekking van onbekende namen uit die zo kwaliteitsvolle kinder- en jeugdliteratuur: Noëlla Elpers (dank je, Els Aerts!). De dichters: de oude kennis Willem M. Roggeman en het visuele karakter van zijn nieuwste cyclus Wat alleen de schilders zien, geïnspireerd door Fred Bervoets (een traditie die weinig bekend is op de Balkan en dus een hele uitdaging voor een vertaling); Yerna van den Driessche en haar zo mooi bij P. uitgegeven bundel Reconstructie; Philip Meersman en zijn geweldige voorstelling van klankpoëzie met Sergej Birjoekov. De fameuze, dynamische, slagvaardige Harold Polis. De prikkelende catalogus van de Bezige Bij Antwerpen. De nieuwe auteurs die ik op een uitgeversborrel ontmoette. De essayist Matthijs de Ridder die bewijst dat het in Vlaanderen toch mogelijk is van zijn pen te leven, hoewel het verschrikkelijk veel energie en inzet kost. Bart Stouten van Radio Klara, die naast zijn superdrukke baan nog tijd en inspiratie vindt om in de nachttrein gedichten te schrijven. Het samenhangende, echte ‘team’ van het VFL met hun elan en hun vriendelijkheid. De gesprekjes met de zogenaamde ‘gewone mensen’, waaruit bleek dat ze toch veel lezen. En het gevoel dat het ondanks crisis, klachten en bedenkingen, heel goed gaat met de Vlaamse literatuur.

 

Dit verblijf in een verrassend Antwerpen was alles bij elkaar een hoopgevende factor. In tijden van verontrustend wereldleed, zwaarmoedigheid op de Balkan, ontgoocheling en burn-out gaf het verblijf in het Vertalershuis me een positieve impuls om verder te gaan, te blijven dwalen in de literaire velden en mijn steentje bij te dragen. Daarom mijn dank voor de fijne sfeer in Vlaanderen.

                                                                                                                        Aneta Dantcheva-Manolova

gepubliceerd op: 2014-08-06

Vorige Volgende Afdrukken Link doorsturen